Parochie Heilige Oda Sint-Oedenrode

Locatie Martinuskerk (centrum)

Inhoud

Welkom

Kerkberichten

Algemene
informatie

Werkgroepen

Tarieven

Parochiebijdrage

Historisch
overzicht

Vacaturebank

Smitsorgel

Stichting Behoud
Martinuskerk

Reactieformulier

Links

Historisch overzicht

Beknopt historisch overzicht van de Martinuskerk en de voorafgaande kerken op deze plaats

De Martinuskerk van Sint-Oedenrode staat op de plaats, waar in het begin van de 12e eeuw heer Arnold van Rode een Sint-Odakerk stichtte. De kerk stond binnen de grachten van de grafelijke burcht van Rode. Het was geen parochiekerk. Die stond in de wijk Eerschot, aan Martinus toegewijd.

De Odakerk was een soort bedevaartkerk, waar het gebeente van Sint-Oda vereerd werd en waaraan negen kanunniken verbonden waren. Deze geestelijken woonden apart in huizen, verspreid in het dorp en hadden vaak royale inkomsten. Speciaal aan de Markt stonden enkele grote huizen, die door kanunniken werden bewoond.

De oudste stukken, waarin sprake is van het kapittel van Sint-Oedenrode zijn enkele oorkonden uit de 13e eeuw. Zo is er een die handelt over kanunnik Theodoricus, een zoon van Heer Giselbert van Rode. Deze oorkonde uit 1207 is het oudste schriftelijke bewijsstuk over het Sint-Odakapittel.

Op veel plaatsen ontstonden reguliere kapittels, groepen kanunniken, die in gemeenschap leefden. Het kapittel van Sint-Oedenrode bleef een seculier kapittel, de kapittelheren bleven zelfstandig wonen, maar moesten wel gezamenlijk diensten verrichten in de Odakerk. De hertogen van Brabant, die rond 1230 in de rechten getreden waren van de Heren (graven) van Rode, hadden het benoemingsrecht van de kanunniken.

In 1248 heeft Hertog Hendrik III bepaald, dat het pastoraat van de Martinuskerk te Eerschot kwam te vallen onder de deken van het Sint-Odakapittel.

Ook werd toen de oprichting van een scholasterij (kapittelschool) geregeld. Een der kanunniken werd tot scholaster benoemd. Het is bekend, dat er ooit een scholaster heeft gewoond in het huis dat stond op de plaats, waar thans de Stompersstraat begint, aan de Markt.

In de levensbeschrijving van Sint-Oda, opgetekend door kanunnik Godefridus van Rode, staat beschreven, dat bisschop Otbertus van Luik in 1103 het gebeente van Sint-Oda ter verering uit het graf kwam verheffen en in een reliekschrijn plaatsen in de Sint-Odakerk. Dit gold in die tijd als een soort heiligverklaring.

Van deze oude Sint-Odakerk is niet veel bekend. Wel weten we., dat ze in tufsteen was opgetrokken in Romaanse stijl. Ook weten we, dat ze aan het eind van de 15e eeuw ingrijpend is verbouwd. Zo werd er in 1498 een nieuw priesterkoor aangebouwd, maar dan in Gotische stijl. Dit "Oud Hoogkoor" bestaat nog en is rijksmonument. Het is bij de bouw van de achtereenvolgende kerken op deze plaats steeds gehandhaafd.

Het kapittel van Rode verkreeg grote bezittingen o. a. de zogenaamde dekenstiende over geheel Sint-Oedenrode, in het jaar 1320 zelfs over het naburige Breugel, waarvan de parochiekerk eveneens onder het patronaat van het kapittel van Sint-Oda geplaatst was. De rijkdom van de kerk was haar behoud, want toen op 20 juli 1542 de beruchte Gelderse hoofdman, Maarten van Rossum, met voetknechten, ruiters en geschut - naar het leek - vriendschappelijk Rode binnentrok om er te overnachten, brandde hij de volgende ochtend het hele dorp plat, waarbij alleen de plundering van de Kapittelkerk kon worden voorkomen tegen betaling van 300 Rijnlandse guldens.

Tijdens de 80-jarige oorlog, die in 1568 begon, had het dorp veel te lijden van de doortrekkende legers. Het rampjaar voor Sint-Oedenrode was 1583, toen zowel de parochiekerk van Sint Martinus te Eerschot als de Kapittelkerk van Sint-Oda in de as werden gelegd. Bij die gelegenheid zijn ook bijna alle archieven verloren gegaan, die waren opgeborgen in het raadhuis, dat tegen de Odakerk aangebouwd was.

Evenals de Eerschotse kerk zal de kerk in het centrum van het dorp tijdens het 12-jarig bestand hersteld zijn. Bij de Vrede van Munster werd de katholieke eredienst verboden (1648).

In 1662 kregen de Roomsen tegen betaling van veel geld toestemming een schuurkerk in te richten bij het slotje Emmaus.

De beide Rooise kerken kwamen in gebruik bij het handjevol Hervormden, meest nieuwkomers, die door Den Haag aan baantjes werden geholpen. De Odakerk bleef tot 1741 ongebruikt leegstaan, dus bijna honderd jaar.

Toen gingen de protestanten om beurten beide kerken gebruiken. Pas in 1759 waren er genoeg mannelijke leden om een hervormde kerkenraad te formeren. Honderdvijftig jaar lang bleef de achterstelling van de Roomsen voortduren. Toen de Fransen kwamen in 1794 werd dat anders.

De verwaarloosde Odakerk, die de beruchte storm van 9 november 1800 wonderwel had doorstaan, bleek toch niet meer bestand tegen de tand des tijds.

Op 16 augustus 1801 stortte de Sint-Odatoren bij stil weer 's nachts geheel in! Men besloot de kerk geheel te slopen en een nieuwe te bouwen. Alleen het Hoogkoor uit 1498 werd gespaard. De nieuwe kerk kwam in 1808 klaar. Men noemde ze niet meer Sint-Odakerk, immers het werd nu een parochiekerk en de patroon van de parochie was Sint-Martinus.

Deze Martinuskerk heeft ruim een eeuw dienst gedaan. Ze werd in 1912 gesloopt om plaats te maken voor de huidige Martinuskerk, die in 1915 in gebruik werd genomen. Dat was dus in de Eerste wereldoorlog. Volgens de plannen zou rechts vooraan een hoge toren worden gebouwd. Het is er nooit van gekomen. Vandaar, dat het gebouw een onevenwichtige indruk maakt: een kolossaal gebouw met een kleine toren eraan. Precies andersom als de knoptoren in Eerschot. Daar zien we een klein kerkje tegen een grote toren.

De huidige Martinuskerk bezit een monumentaal "Smits"-orgel en diverse mooie beelden uit de vorige kerk. In september 1944 viel een bom op de kerk, waardoor alle gewelven vervangen moesten worden. In 1912 werd vlakbij de kerk eerst een nieuwe R.K. Jongensschool gebouwd om te dienen als noodkerk totdat de nieuwe kerk klaar was. Daarna werden de tussenmuren van de klassen gebouwd en de Sint-Odaschool was klaar (1916).

Restauratie

In 1989 - een jaar voordat de Sint-Martinuskerk driekwart eeuw bestond - kwamen de eerste berichten in de pers over de zorgwekkende toestand waarin het gebouw verkeerde. Jarenlang was aan het bedehuis niet of nauwelijks onderhoud verricht. Één jaar later werd de Stichting Restauratie Martinuskerk in het leven geroepen. Deze stichting kreeg als taak het inzamelen van geld, benodigd voor de restauratie door middel van het organiseren van allerlei evenementen zoals vlooienmarkten, boekenbeurzen, voettochten en het verkopen van souvenirs waaronder speldjes, foto's en kaarten.

In april 1994 werd gestart met de restauratie van het oudste gedeelte van de kerk, het gotische hoogkoor van 1498. De restauratiewerkzaamheden werden in september 1994 voltooid. In augustus 1995 werd begonnen met de restauratie van de Martinuskerk van 1915. Deze werkzaamheden zouden bijna twee jaar gaan duren. In september 1995 was het streefbedrag van Fl. 500.000 (Eur. 227.000) bereikt.

Enkele door de stichting Restauratie Martinuskerk georganiseerde activiteiten die erg succesvol waren gebleken, zijn ook na het bereiken van het nagestreefde doel voortgezet onder de naam: Stichting Behoud Martinuskerk. Doel: aanvankelijk het opvangen van mogelijke tegenvallers tijdens de restauratie, vervolgens het leveren van een financiële bijdrage aan de inwendige restauratie van de kerk en aan de inventaris en tegenwoordig het (mede-)financieren van bijzondere objecten en projecten.

In 1997 is de vroegere sacristie verbouwd tot parochiecentrum, omdat door de verkoop van het parochiecentrum tegenover de kerk de parochie zonder zat. *)

In de jaren die volgden is het interieur volledig vernieuwd. Zo werd het volledige interieur uit een kerk in Tilburg aangekocht en naar Rooi overgebracht, verder werd de kerk geschilderd en van een nieuwe geluidsinstallatie voorzien. Het laatste deel van de restauratie werd voltooid in november 2001 met de restauratie van het Smitsorgel. *)

Bronnen:
Folder 'Open Monumentendag', september 1987, geschreven door Wim van Rooij
Boek 'De mantel van Sint Maarten', 1997 uitgegeven door het Bestuur van de Sint-Martinusparochie.

*) De totale restauratie van kerkgebouw en Smitsorgel heeft ca fl 3,5 miljoen gekost. De resterende middelen werden verkregen uit de verkoop van het parochiecentrum tegenover de kerk, uit fondsen van derden, door een groot subsidiebedrag van de gemeente Sint-Oedenrode en door overige wervingsacties.

(C) 2012 Parochie Heilige Oda Sint-Oedenrode
De webmaster noch enig ander individu of instantie kan aansprakelijk worden gesteld voor schade geleden als gevolg van eventueel onjuiste informatie vermeld op deze website.
Deze website kan het beste worden bekeken met een resolutie van 800x600 of meer.
Deze website wordt gehost door Stichting KerkProvider

Voor het laatst bijgewerkt op: 30.03.2009